De 5 leukste spelletjes voor Halloween

De 5 leukste spelletjes voor Halloween

Hoe u er een onvergetelijk feest van kan maken.

 

Spel, plezier en spanning, een geslaagd Halloween feest heeft dit allemaal. Samen met de onderstaande 5 tips wordt elk feest een succes.

 

Naast kippenvel, vleermuizen en heksen moet Halloween vooral in het teken staan van plezier. Hoe u met uw kinderen feestelijk Halloween kunt vieren met leuke en spannende spelletjes leggen we u graag uit aan de hand van de 5 volgende tips.

 

De allerkleinsten kunnen natuurlijk nog niet meespelen. Een babysitter kan tijdens het feestgedruis oppassen, zo kunt u naar hartelust met de oudere kinderen Halloween kunt vieren.

 

 

1. Mummies maken

Hiervoor hebt u nodig:

4 rollen toiletpapier

2 teams

Een hoop geluk

 

De regels:

Er worden twee teams met drie spelers gemaakt. Elk team krijgt twee rollen toiletpapier. Van elk team wordt er één kind als mummie gekozen, de overige twee spelers zijn de wikkelaars. Zodra het startschot is gegeven beginnen de twee wikkelaars de mummie in te wikkelen. Beginnend bij de voeten tot de hals. Het team dat als eerste iemand helemaal heeft ingewikkeld heeft het spel gewonnen.

2. De griezelkist

(voor kinderen vanaf 6 jaar)

 

Hiervoor hebt u nodig:

Een grote kartonnen doos

Zwarte stof

Popcorn

Gepelde tomaten, pruimen of druiven

Gekookte (koude) spaghetti

Gelei

 

Voorbereidingen:

In de bovenkant en aan de twee zijkanten van de doos maak je een gat waar een hand doorheen kan. Om te voorkomen dat er vals gespeeld wordt bevestig je het zwarte doek bij de gaten zodat er niemand in de doos kan kijken. Zo kan er niemand in de doos gluren. Om het compleet te maken dimt u de lichten.

 

De regels:

U bent als ouder of babysitter de spelleider en schatbewaker. Elk kind mag eenmaal zijn of haar hand in het gat aan de bovenkant van de doos stoppen. De spelleiders geven de kinderen via de zijkant van de doos ‘enge’ dingen aan. De spelers moeten dan raden om wat het gaat, uiteraard zet de spelleider de spelers op het verkeerde pad door te zeggen dat het kevers, spinnen of slakkenslijm zijn. Degene die de meeste voorwerpen goed heeft geraden wint het spel.

3. Ei op lepel estafette

Hiervoor hebt u nodig:

2 lepels

2 gekookte eieren

Viltstiften

 

Voorbereidingen:

Kook de eieren en teken met de viltstift een gezichtje op de eieren. Zet een parcours uit waarover de kinderen straks met het ei en de lepel overheen moeten. Uiteraard maakt u het parcours uitdagend en vol met obstakels.

 

De regels:

Er worden twee teams met een gelijk aantal spelers gemaakt. Elk team krijgt een ei en een lepel. De eieren worden op de lepels gelegd en daarna moet het parcours worden afgelegd met de lepel in de mond. Nadat de eerste het parcours heeft afgelegd staat de volgende klaar bij de start om de lepel inclusief ei over te nemen. Als je onderweg het ei verliest moet je terug naar de start en de ronde opnieuw doen. Het team dat binnen 5 minuten de meeste rondes heeft gelopen wint het spel. Het spel is natuurlijk nog spannender als u niet vertelt dat de eieren gekookt zijn.

4. Heksendans

Hiervoor hebt u nodig:

Een bezem

Muziek

 

De regels:

Alle spelers maken een grote kring, zorg voor genoeg ruimte zodat alle spelers voldoendeplek hebben om te dansen. Voordat het spel begint krijgt één speler de heksenbezem. Wanneer de muziek start, begint iedereen de heksendans te dansen. De bezem wordt, al dansend steeds doorgegeven aan de volgende in de kring. Tijdens het dansen wordt de muziek gestopt, degene die de bezem als laatste vast heeft wanneer de muziek stopt is af en moet de kring verlaten. Wie als laatste overblijft, heeft het spel gewonnen.

5. Het magische getal

Hiervoor hebt u nodig:

 

Een doorzichtige schaal

Een hoop zoetigheid en kleine speeltjes

 

Voorbereidingen:

Tel al het snoep en al de speeltjes exact.

 

De regels:

De spelleider laat alle spelers de schaal goed zien. Elke speler mag de kom een keer goed bekijken. Daarna hebben ze 1 minuut de tijd om het magische getal(het aantal objecten in de schaal) te raden.  Het kind dat het getal exact goed heeft of het kind dat het dicht bij het juiste antwoord zit wint het spel, en de inhoud van de schaal.